TTL instellen en begrijpen: hoe lang DNS-records worden gecachet

Gewijzigd op Vr, 5 Jun om 10:42 AM

TTL (Time To Live) bepaalt hoe lang een DNS-record door resolvers wordt gecachet voordat het opnieuw wordt opgehaald. Een goede TTL-waarde is een afweging tussen snelheid van wijzigingen en belasting van de nameservers. In dit artikel leest u wat TTL doet en hoe u de juiste waarde kiest.

Probleem

Een DNS-wijziging komt te traag door bij bezoekers, of uw nameservers krijgen onnodig veel verzoeken. In beide gevallen speelt de TTL-waarde een rol: te hoog vertraagt wijzigingen, te laag verhoogt het aantal lookups.

Oorzaak

Elke DNS-record heeft een TTL die in seconden wordt opgegeven. Resolvers bewaren het record voor die duur in hun cache. Pas na het verstrijken van de TTL halen ze een eventueel gewijzigde waarde op.

Een hoge TTL (bijvoorbeeld 86400 seconden, oftewel een dag) zorgt voor stabiliteit en minder lookups, maar maakt wijzigingen traag: bezoekers kunnen tot een dag lang de oude waarde blijven zien.

Een lage TTL (bijvoorbeeld 300 seconden) maakt wijzigingen snel zichtbaar, maar verhoogt het aantal lookups naar uw nameservers. De kunst is de TTL af te stemmen op of u op korte termijn wijzigingen verwacht.

Oplossing

Gebruik in een stabiele situatie een hogere TTL, bijvoorbeeld 3600 seconden (1 uur), voor een goede balans tussen snelheid en belasting.

Verlaag de TTL tijdelijk naar bijvoorbeeld 300 seconden enkele dagen voordat u een geplande wijziging of migratie uitvoert. Zo komt de nieuwe waarde snel door.

Verhoog de TTL weer nadat de wijziging is gestabiliseerd, om onnodige lookups te beperken.

Stappenplan

  1. Bepaal of u op korte termijn een wijziging of migratie verwacht.
  2. Open het DNS-beheer van uw domein.
  3. Verlaag voorafgaand aan een migratie de TTL van de betreffende records, bijvoorbeeld naar 300 seconden.
  4. Wacht minimaal de oude TTL-duur zodat de lage waarde overal actief is.
  5. Voer de daadwerkelijke wijziging door.
  6. Controleer of de nieuwe waarde snel doorkomt.
  7. Verhoog de TTL weer naar een stabiele waarde, bijvoorbeeld 3600 seconden.
  8. Controleer met een DNS-tool de actuele TTL van de records.

Voorbeeld TTL-waarden

De TTL wordt per record ingesteld in seconden. Onderstaand voorbeeld toont een stabiele en een tijdelijk verlaagde waarde.

Voorbeeld:

# Stabiele situatie:
www   A   203.0.113.10   TTL 3600

# Voor een migratie tijdelijk:
www   A   203.0.113.10   TTL 300

TTL en propagatie

De TTL is de belangrijkste factor in hoe snel een DNS-wijziging "propageert". Propagatie is geen actief proces, maar simpelweg het verlopen van de gecachete records bij resolvers wereldwijd. Hoe lager de TTL, hoe sneller een wijziging zichtbaar wordt.

Houd er rekening mee dat een verlaagde TTL pas effect heeft nadat de oude, hogere TTL is verlopen. Verlaag de TTL daarom ruim van tevoren, niet pas op het moment van de wijziging.

  • TTL bepaalt de cacheduur van een record
  • Lagere TTL = snellere wijzigingen, meer lookups
  • Verlaag de TTL vooraf, niet tijdens de wijziging

Veelgemaakte fouten

  • De TTL pas verlagen op het moment van de wijziging in plaats van ruim ervoor.
  • Een permanent zeer lage TTL gebruiken, wat onnodig veel lookups veroorzaakt.
  • Een te hoge TTL aanhouden vlak voor een geplande migratie.
  • Aannemen dat propagatie sneller gaat dan de ingestelde TTL toelaat.
  • Vergeten de TTL na een migratie weer te verhogen.
  • TTL-waarden voor verschillende records over het hoofd zien.

Controle na afloop

  1. Vraag de actuele TTL van uw records op met een DNS-tool.
  2. Controleer dat een verlaagde TTL overal actief is voordat u wijzigt.
  3. Controleer na de wijziging of de nieuwe waarde snel doorkomt.
  4. Bevestig dat de TTL na de migratie weer op een stabiele waarde staat.

Praktische tips

  • Gebruik 3600 seconden als veilige standaard voor de meeste records.
  • Plan migraties door de TTL enkele dagen van tevoren te verlagen.
  • Verhoog de TTL weer zodra de wijziging stabiel is.
  • Houd voor records die zelden wijzigen gerust een hogere TTL aan.

Veelgestelde vragen

Wat is een goede standaard-TTL?

3600 seconden (1 uur) is een veelgebruikte balans tussen snelheid en belasting. Voor zeer stabiele records kan een hogere waarde prima zijn.

Versnelt een lage TTL de propagatie altijd?

Een lage TTL helpt alleen als die al actief was voordat u wijzigde. De oude TTL moet eerst zijn verlopen voordat de lage waarde effect heeft.

Heeft TTL invloed op de snelheid van mijn website?

Indirect. Een extreem lage TTL veroorzaakt meer DNS-lookups, maar het effect op de laadtijd is doorgaans klein. De belangrijkste rol van TTL is bij wijzigingen.

Samenvatting

TTL bepaalt hoe lang resolvers een DNS-record cachen en daarmee hoe snel wijzigingen doorkomen. Gebruik 3600 seconden als stabiele standaard, verlaag de TTL ruim voor een geplande migratie naar bijvoorbeeld 300 seconden en verhoog die daarna weer. Onthoud dat een verlaagde TTL pas werkt nadat de oude waarde is verlopen.

Gerelateerde artikelen


Komt u er niet uit? Plan een gratis strategiegesprek via https://www.bdmnl.nl/plan.

Was dit artikel nuttig?

Dat is fantastisch!

Hartelijk dank voor uw beoordeling

Sorry dat we u niet konden helpen

Hartelijk dank voor uw beoordeling

Laat ons weten hoe we dit artikel kunnen verbeteren!

Selecteer tenminste een van de redenen
CAPTCHA-verificatie is vereist.

Feedback verzonden

We stellen uw moeite op prijs en zullen proberen het artikel te verbeteren